|
Lekdijk-West
een kunstproject

Op de Lekdijk-West, even onder Bergambacht,
staan zes gekleurde banken in de berm. Een kunstwerk van Mark de Weijer,
dat een bijzondere plek markeert, en aandacht vraagt voor de
geschiedenis ervan. Op deze plaats werd tussen 1998 en 2000 de rivier
verbreed. De dijk, die hier oorspronkelijk een bocht maakte, werd
rechtgetrokken door honderd meter landinwaarts een nieuw stuk dijk aan
te leggen. De oude dijk werd echter niet meteen afgegraven. Eerst werden
er grondmechanische proeven op uitgevoerd, waarmee men te weten wilde
komen hoe sterk deze oude rivierdijken nou eigenlijk zijn. En er is
archeologisch onderzoek gedaan naar de ontstaansgeschiedenis ervan,
waarbij men op een aantal verrassingen stuitte. Een teruggevonden
duiker, bijvoorbeeld. En een raadselachtige kademuur.
In het boekje dat bij het kunstwerk hoort, wordt de geschiedenis van dit
stukje dijk verteld aan de hand van interviews met de betrokkenen:
opdrachtgevers, archeologen, wetenschappers en omwonenden.
|
|
Het raadsel
van de kademuur
‘Die kademuur
was een complete verrassing. Een lange muur van
17e eeuwse baksteentjes, keurig gevoegd, mooi afgewerkt, met fraaie
rollagen erin. Een muur die je verwacht in de kadewerken van een stad, als
Schoonhoven, of Gouda. Of bij een 17e of
18e eeuws
fort. Maar niet in een simpele dijk. Wij stonden voor een raadsel. En we
weten het nog steeds niet, eigenlijk, want er is helemaal niets over
gevonden. Helemaal niets. Terwijl, als je ziet hoe die muur is uitgevoerd,
zestig tot tachtig meter prachtig metselwerk.. daar heeft zeker een
gedachte achter gezeten.’
‘Het is een afgerond stukje kade. Het is niet langer geweest, het is geen
restant van een veel langere muur. En het enige dat we konden bedenken is
dat hier een veer is geweest, vroeger. Een plek waar mensen de rivier
overstaken, waar schepen aanlegden, om te laden of te lossen, met goederen
uit Duitsland, of goederen die vanuit de Krimpenerwaard verder werden
vervoerd. Maar we weten het niet.’
‘Vroeger werd dit stuk Lekdijk De Enige Dijk genoemd. Omdat er
niemand woonde. En aan de overkant was ook niet veel. Dus een veerdienst..
daar geloof ik niks van. En zelfs al was het zo, dan ga je daar toch niet
zo’n metershoge kademuur bouwen? Dat heeft een vermogen gekost. Een muur
bouw je om iets tegen te houden.’
‘We vermoeden dat die muur destijds is neergezet om de dijk, en misschien
ook wel die waterinlaat, te beschermen tegen opkruiend ijs. Er zijn uit
die tijd veel berichten over schade aan dijken, en overstromingen, door
opkruiend ijs. Men kende toen zeer strenge winters. Er wordt zelfs wel van
de Kleine IJstijd gesproken.’
‘Nu maakt hij dan deel uit van de vooroeververdediging. Het zou toch zonde
geweest zijn om hem te slopen. Zo’n mooie muur. Hij is helemaal opnieuw
gevoegd en gerestaureerd. Je ziet er alleen bijna niks van. Tenzij je het
water opgaat.’
‘Tussen de nieuwe dijk en daar waar ooit de oude lag, ligt nu een
natuurgebiedje. Een smal stukje uiterwaard, een gors. Een slikveld, dat
droogvalt bij eb, en bij hoogwater overstroomt. Zoetwatergetijdegebied.
Een uniek type natuur, waar soorten leven die vrij zeldzaam zijn, en
waardevol om te behouden. Spindotter, driekantige bies. Vissoorten, en
vogels. Daar is verder niks aan gedaan, planten en dieren komen er vanzelf
op af.’
‘De scheepvaart op de Lek veroorzaakt nogal wat golven, waardoor die
gorzen afkalven. Dus om te voorkomen dat dat natuurgebiedje langzaamaan
weer verdwijnt, hebben we een vooroeververdediging aangelegd. En die ligt
op de resten van de oude dijk. Die fungeren als fundament.’
‘Er is nóg een verhaal, hoor, dat de ronde doet over die muur: dat het een
soort voorpost was van de verdedigingswerken rond Schoonhoven. Dordrecht
en Schoonhoven waren dé steden in die tijd. Echte vestingstadjes. En niet
bevriend met elkaar. En omdat hier die vernauwing in de Lek zat, hebben ze
misschien een versterking gebouwd. Er zijn namelijk ook fundamenten van
een vierkant gebouwtje gevonden, een soort wachtershuisje. En aan de
overkant, bij de molen, liep een weggetje naar de rivier. Een bewaakte
overgang misschien. En áls het inderdaad een militair verdedigingswerk
was, zou dat ook kunnen verklaren waarom er niks over te vinden is in de
archieven. Want dan mocht niemand het weten. Dat is ook een verhaal.’
©JosvanVenrooij
|
|

Bij het archeologisch
onderzoek aan de oude dijk stuitte men onder meer op een raadselachtige
kademuur, waar verschillende verhalen over de ronde doen.

|