Lekdijk-West
een kunstproject



Op de Lekdijk-West, even onder Bergambacht, staan zes gekleurde banken in de berm. Een kunstwerk van Mark de Weijer, dat een bijzondere plek markeert, en aandacht vraagt voor de geschiedenis ervan. Op deze plaats werd tussen 1998 en 2000 de rivier verbreed. De dijk, die hier oorspronkelijk een bocht maakte, werd rechtgetrokken door honderd meter landinwaarts een nieuw stuk dijk aan te leggen. De oude dijk werd echter niet meteen afgegraven. Eerst werden er grondmechanische proeven op uitgevoerd, waarmee men te weten wilde komen hoe sterk deze oude rivierdijken nou eigenlijk zijn. En er is archeologisch onderzoek gedaan naar de ontstaansgeschiedenis ervan, waarbij men op een aantal verrassingen stuitte. Een teruggevonden duiker, bijvoorbeeld. En een raadselachtige kademuur. 
In het boekje dat bij het kunstwerk hoort, wordt de geschiedenis van dit stukje dijk verteld aan de hand van interviews met de betrokkenen: opdrachtgevers, archeologen, wetenschappers en omwonenden.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Op deze plek
is de dijk honderd meter landinwaarts verplaatst

‘Ik ben aan die oude dijk geboren. Waar nu het water is, waar het is afgegraven, daar stond mijn ouderlijk huis. Dat is er voor afgebroken. Mijn zoon woonde er, met zijn gezin. Mijn vader was net overleden. Gelukkig maar, want die had het allemaal niet overleefd.’

‘Het is zeer waarschijnlijk dat de waterstanden in de toekomst zullen stijgen. Vroeger zeiden we dan altijd: we moeten de dijken verhogen, maar daar kun je niet eeuwig mee doorgaan. In dit veengebied zakt sowieso alles langzaam weg in de prut, ook de dijken. Dus hoe zwaarder je ze maakt, hoe meer onderhoud ze nodig hebben. En hoe hoger ze zijn, hoe meer water er door komt als ze wél een keer doorbreken. Nu bekijken we dus liever hoe we de rivier op andere manieren meer ruimte kunnen geven, met dezelfde dijkhoogte. En liefst zelfs nog wat lager.’

‘In 1953 heb ik het hoge water hier zelf gezien. Ik was nog een kind natuurlijk, maar dat vergeet je nooit meer. Het stond tot bovenaan de dijk. Eén grote plas water, van dijk tot dijk. Midden in de winter was het, en hartstikke koud. Met sneeuw en storm en enorme golven. De dode koeien lagen hier tegen de dijk. Als je dát een keer gezien hebt, staat het voorgoed op je netvlies gebrand, dat kan ik je wel vertellen. Het was precies op mijn verjaardag, ook nog. Zeven werd ik. Of acht.’

‘Toen de Lekdijk West in 1996 werd getoetst, bleek hij van geen kant te voldoen. Veel te slap. Dus dat was paniek. Stel dat het hoog water zou worden, dan zou hij het misschien wel niet houden. Die dijk moest snel verbreed worden. Over een lengte van 15 kilometer. Nou staat langs de Lek nogal veel monumentale lintbebouwing, vlak aan de dijk. Waardevolle huizen van een paar eeuwen oud. Die wil je er niet voor slopen. Vandaar dat we naar de kant van de rivier hebben verbreed. En om de vernauwing van de rivier die daardoor ontstond te compenseren, is hier, op het smalste stuk van de Lek, de dijk 100 meter landinwaarts verplaatst.’

‘Het is alleen wel ten koste gegaan van zeven woningen. Die moesten van het ene op het andere moment weg. Zo snel ging dat. Er was een noodwet van kracht. Ik heb dat persoonlijk aan die mensen verteld. En uitgelegd. Je hoort jezelf dan praten.. Nee, dat was niet leuk.’

 

©JosvanVenrooij

 

 

 

 

 

 

 

 

 



Op de nieuwe dijk staat een kunstwerk, ter herinnering aan de oude. Het kunstwerk bestaat uit zes banken. Op iedere bank is een tekstpaneel aangebracht met citaten uit het boekje.