het bewijs
weblog van een huisvader
......................

 


uit het dagelijks archief:
maart 2006
 





 

 

 

 

 

donderdag 30 maart
Ziet gij reeds iets komen?
De eerste stap in hun grote plan de stad de rug toe te keren, en te kiezen voor een rustiger leven ergens in de provincie, was een nieuwe baan voor zijn vrouw. Daarna kwam pas de rest. En nu zij weer volledig was hersteld, was de tijd gekomen om daaraan te beginnen. Twee weken geleden had ze de eerste sollicitatie de deur uit gedaan. En toen de man vandaag als eerste thuis kwam, met de jongens uit school, lag er een brief op de mat. Voor zijn vrouw. Het was lang geleden dat hij zó op haar thuiskomen had gewacht. Er niet op had kúnnen wachten, eigenlijk. Telkens weer dribbelde hij nerveus van zijn kopje thee met de jongens naar het raam, om te zien of ze er al aan kwam. Tenslotte besloot hij de was er dan maar bij te gaan vouwen, een werkje dat hij altijd op die plek aan het raam deed. En na het laatste krat de strijk. En toen zijn vrouw dan eindelijk de straat in draaide was hij daar al aardig mee opgeschoten.

zondag 26 maart
Op de koffie met gestolen melk
Tot voor kort was zij hun puberdochter geweest. Die zich niet anders dan op uitdrukkelijk bevel tot iets huishoudelijks zette. Omdat zij liever op de bank bleef liggen. Met Harry Potter. Vandaag debuteerde zij dan wat onwennig als gastvrouw. Voor het eerst waren de man en zijn vrouw, met hun jongens, uitgebreid echt op visite geweest bij hun grote uithuizige dochter. Een kopje zelfgezette koffie met zolang van een huisgenoot gestolen melk, met zijn allen in de kussens op het bed en in kleermakerszit op de vloer gezeten en boterhammen met hagelslag en een gekookt eitje in de plakkerige gemeenschappelijke keuken. Ook voor de man was een beetje wennen geweest. Misschien té opgewekt en ongedwongen probeerde hij dit vreemde en onverwachte ijs te breken. Zonder resultaat. Ja hoor, antwoordde ze braaf, toen hij het bij het weggaan niet na kon laten te vragen of ze hun bezoek nou wel leuk had gevonden. Ja hoor. En in haar ogen meende hij al een voorzichtig beginnetje te zien van de opluchting die ze later zou gaan voelen wanneer het ouderlijk bezoek er godzijdank weer op zat.

zaterdag 25 maart
Te veel
In zijn plotseling opgelaaide opruimwoede, waarbij álle kasten in het héle huis opnieuw werden ingericht, leeggehaald en uitgemest, struikelde de man zelfs even over zijn verzameling cassettebandjes. Die nam nogal wat ruimte in, namelijk. Bovendien was het cassettedeck al een tijdje kapot dus hij kon ze alleen in de keuken nog spelen. Bij het koken, en het afwassen. En dan draaide hij eigenlijk altijd cd's. Maar nee. Hij kon het niet over zijn hart verkrijgen. Er zaten bandjes bij van zeker 25 jaar oud. Live concerten van de radio opgenomen, obscure elpees, singletjes en epees, gelegenheidscompilaties. Van de meesten wist hij nog wel ongeveer wanneer hij ze had opgenomen, of wie dat voor hem had gedaan. En hoe blij hij er toen mee geweest was. Dus nee, dat kon niet weg. Dat mócht niet weg. En al zou hij de rest van zijn leven waarschijnlijk niet vaak genoeg meer afwassen en koken om ze allemaal nog een keer te kunnen draaien, hij nam zich voor dat tóch te gaan proberen. Dit hád hij tenminste nog.

Te snel
Wat natuurlijk ook onvermijdelijk was, wanneer je kasten uit ging ruimen, rotzooi uit ging zoeken, ordenen, dozen en mappen en kratten, versjouwen en verplaatsen: dat je weer eens oog in oog kwam te staan met je verleden. En met hoe voorbij dat allemaal was. Melancholiek werd de man daar altijd een beetje van, van al die fotoalbums vol afgesloten hoofdstukken. Zijn jongens als peuter, zijn dochter als kleuter, als meisje met staartjes en vlechtjes. Uit het oog verloren vrienden en vriendinnen van weleer. Zijn vrouw, toen hij haar leerde kennen. En niet te vergeten de jonge man die hij zélf ooit was geweest. Het had geen zin je af te vragen of je het goed had gedaan, of je de juiste beslissingen had genomen en of je er wel genoeg van had genoten toen het er nog was, want het was allemaal voorbij. Toch de deed de man dat weer.

Te laat
Met het in gebruik nemen van zijn nieuwe kamertje was er dus aardig wat ruimte vrij gekomen in de kamer. Ruimte genoeg voor nou eindelijk eens een fatsoenlijke boekenkast, waar álle boeken in konden, dacht de man. Boeken die nu nog in allerlei kasten en kastjes verspreid over het huis waren opgeslagen. Kasten en kastjes die daarmee dan weer vrij kwamen om ook andere zaken een betere plek te geven. Enzovoorts. Vóór hij het wist was de man verzeild geraakt in een enorme heen en weer sjouwerij van spullen en spulletjes, dingen en dingetjes en diverse van alles en nog wat. Dé grootscheepse "en nou ga ik álle kasten uitruimen en helemaal opnieuw inrichten zodat we eindelijk eens een keer in een normaal ordelijk huis komen te wonen waar je iets gewoon kunt pakken als je het nodig hebt" actie die hij al jarenlang bijna wekelijks met enig misbaar aankondigde, maar tot nu toe zorgvuldig had weten te vermijden.

vrijdag 24 maart
Kastenvol
kratten en dozen
Onderweg van school naar huis vroegen zijn jongens zich af wat ze vanmiddag nou eens zouden gaan doen. Of ze misschien bij hun vriendje op bezoek konden gaan, was onverwacht het idee. Nou had papa niet zoveel zin in het vriendje, dus in afwachting van een écht argument mompelde hij alvast maar iets vaags over nog wel eens zullen zien en thee met iets lekkers erbij, dat blijkbaar toch al afkeurend genoeg klonk voor het opstandig teleurgesteld oooooo, dat zijn oudste zoon tegenwoordig graag door het huis en over straat liet schallen, voorafgaand aan een lange litanie van ik mag nóóit iets en áltijd krijg ik de schuld en meer van dat soort stellige kreten. Ze moesten en ze zouden per se naar het vriendje want het vriendje had tenminste pleemobiel. Nu was het de beurt aan papa, met zíjn al veelgehoorde litanie. Mismoedig begon hij eraan. Dat de kasten verdorie uitpuilden van het peperdure speelgoed waar nooit naar omgekeken werd. Kisten en kratten vol lego, koffers en dozen vol knex en oh, oh, oh wat wilden ze graag clickit hebben: nóóit werd er mee gespeeld. Om van de reesbaan nog maar te zwijgen. Ach ja, het was een oud en vaak verteld verhaal,  en hij had ook eigenlijk helemaal geen zin om hier nou eens lekker op door te gaan. Bovendien leek het wel of hij zijn moeder hoorde. Alledrie in hun eigen wrokkige stilte vervolgden ze hun weg.
Ik wéét wat ik ga doen, zei zijn jongste, toen ze even later met een appeltje aan tafel zaten. Ik ga lekker met de lego.
En ik ga lekker met de knex, sprong zijn oudste op, trots op zijn goede idee, en wilde meteen aan de slag. Maar eerst gaf hij zijn vader een dikke zoen. Lieve papa, zei hij erbij, met nog een kusje extra. Verbaasd dronk papa zijn thee uit. Hij snapte er niks meer van.

donderdag 23 maart
Superpapa
Hij had er een grondige hekel aan, maar zo af en toe kwam het tóch over de vloer. De familie gaf het cadeau, of Sinterklaas of de Kerstman, maar ook zijn vrouw wilde nog wel eens over haar tere moederhart strijken. Goedkope rotzooi! Liefdeloos in elkaar gerammelde plastic troep! Van dat grote glimmende speelgoed waaraan je meteen kon zien dat het al kapot zou gaan als je het uit de grote glimmende doos probeerde te krijgen. Of anders wel als je ermee ging spelen. Dolblij, waren zijn jongens altijd als ze het kregen, omdat het zo groot was, en glom. En omdat het altijd precies de dingen waren waar ze in de speelgoedwinkel kwijlend en lonkend zo lang mogelijk bij bleven dralen, al zei papa nog zo vaak en onverbiddelijk nee. En ontroostbaar waren ze hóóguit vijftien minuten later. Als het, precies zoals papa voor de lieve vrede op zijn tong bijtend dan maar niet hardop had voorspeld, meedogenloos kapot ging. Kinderverdriet met een strik erom. Hij háátte het. Oók omdat hij dan natuurlijk tóch altijd weer, zij het vloekend en mopperend, met schroevedraaiertjes, boortjes en tangetjes, ijzerdraadjes, elastiekjes en tubetjes lijm in de weer ging. Om het zo'n beetje te repareren, zijn jongens toch te troosten. En die waren altijd reuze trots wanneer het hem weer eens gelukt was hun vederlichte zwaardjes terug in elkaar te schroeven, hun wrakkige autootje weer op de wielen, hun reesbaan weer aan de praat. Zo trots zelfs dat papa vandaag van een moeder op school een roze plastic poppenpoezenmandje in zijn handen gedrukt had gekregen. Waarvan bij het uitpakken het deurtje kapot was gegaan. Of hij dat wilde maken. Want dat zíjn vader dat wel kon, had zijn jongste zoon haar dochter namelijk beloofd. Want die kon álles maken. Een beetje beduusd stond papa vandaag dan dus maar een roze plastic poppenpoezenmandje te repareren. Al wist hij eigenlijk nog steeds niet precies waarom.

zondag 12 maart
Met de kippen van stok
Hoewel hun jongens op doordeweekse dagen niet uit hun warme bedjes te bránden waren om zeven uur 's ochtends, om fatsoenlijk aangekleed en met een verantwoord ontbijt achter de gepoetste kiezen en een gewassen toet op tijd op school aan te komen, in het weekend stonden ze vaak vóór hálf zeven al aan papa en mama's bed te kraaien dat ze wakker waren en dat ze wilden spelen. Iets waar ze dan duidelijk hoorbaar al ruim een half uur mee bezig waren geweest trouwens. Daarom hadden papa en mama, die ook wel eens één ochtendje rustig wat langer wilden blijven liggen, een digitaal klokje voor ze gekocht. En ze uitgelegd dat ze geen geluid mochten maken voordat de acht vooraan stond. Een paar keer ging dat goed, en was het inderdaad pas om acht uur stipt gedaan met de rust. Vandaag niet. Vandaag kwam de jongste om kwart over zeven, mede namens en waarschijnlijk ook in opdracht van de oudste, met veel misbaar de slaapkamer in zuchten en steunen dat het klokje warschijnlijk kapot was omdat, hoelang ze ook wachtten, de acht zich vanochtend niet liet zien.

vrijdag 10 maart
Een vreemde heimwee
Voor een opdracht moest de man vandaag twee stadjes verderop zijn, met de trein. Een leuk, oudhollands stadje, was het. En omdat hij na gedane zaken nog wat tijd overhield voor hij zijn jongens weer uit school moest halen, besloot hij er nog een beetje rond te wandelen, door de steegjes en langs de grachten, de pleintjes, de antieke geveltjes, al goot het ook van de regen. En onwillekeurig gleden zijn gedachten daarbij af naar zijn vrouw, met wie hij dit soort uitstapjes graag maakte, gearmd onder één paraplu. Naar de vele  wandelingetjes en uitstapjes vooral, die ze het afgelopen jaar gemaakt hadden. Hoe ze zich, door het lot getroffen, meer samen hadden gevoeld dan ooit tevoren. En vandaag, het gewone leven al geruime tijd weer op gang, had de man daar ook opeens een merkwaardig soort heimwee naar. Naar dat gevoel.

donderdag 9 maart
Goed idee
Later neem ik óók twee kinderen, vertrouwde zijn jongste jongen hem toe, van voorop de fiets. Hij vond dat zijn vader het wel goed had geregeld. Die was al de hele middag met zijn twee jongens door de miezer en tegen de wind door de eeuwige spits onderweg van school naar huis naar zwemles en weer terug via de supermarkt. Want dan laat ik ze samen spelen, vervolgde hij zijn toekomstvisie, onverstoorbaar, en dan kan ík lekker werken. Goed idee, wilde de man zijn zoon nou ook weer niet meteen ontmoedigen. Maar waar had hij dat meer gehoord?

woensdag 8 maart
M/V
Zijn jongste zoon, zijn laatste kleuter, was een druistig ventje. Een levenslustige druktemaker. Een gangmaker ook. Het beweeglijke type. De man had in het verleden dan ook wel eens klachten gekregen, van een moeder, dat haar dochter door zijn zoon werd gepest.  Seksueel werd geïntimideerd zelfs wel een beetje, want samen met zijn al even druistige vriendje rende hij haar dan achterna, en dan pakten ze haar beet. Tja. Het was dezelfde moeder die later nog eens van zijn zoon had beweerd, toen die wat erg enthousiast reageerde op een bezoek van de rommelpiet op school, dat ze de testosteron kon rúiken. Maar nu, vertelde ze de man, ging het stukken beter. Want haar dochter en zijn zoon en het al even druistige vriendje waren inmiddels dikke maatjes geworden. Dat kwam, legde de moeder hem uit, omdat haar dochter een goede invloed had, op die jongens. Op zijn zoon dus ook. Tenminste, dat was wat de man dácht dat ze zei want terwijl ze het zei werd hij aangevallen door haar dochter, die hem luid schreeuwend vol overgave in zijn maag en zijn kruis begon te stompen. Maar toen de man daarop een opmerking over testosteron maakte, wuifde de moeder zijn bezwaren lachend weg. Want dáár kon hij toch zeker wel tegen? Als vent? En de man begreep: méisjes met testosteron, dát was juist weer góed. Tjongejonge, dacht hij vermoeid, wat was het toch ook ingewikkeld, dat hele mannen-vrouwen-gedoe.

donderdag 2 maart
Toch waar
Je krijgt er zoveel voor terug, zeggen ze vaak, van kinderen. Nou, de man moest eerlijk toegeven dat hij zich wel eens mismoedig afvroeg wát dan. En wannéér dan. En dat die bakken herrie, rotzooi en viezigheid die ze overal om zich heen verspreidden het toch hopelijk niet waren. Maar vandaag was er dan ineens weer zo'n moment waarvan hij wíst dat dát het moest zijn. De man en zijn vrouw hadden hun jongens vanwege de vakantie namelijk een dagje meegesleept naar Naturalis. En hoewel ze aanvankelijk liever met hun riddertjes waren blijven spelen, ook de man zelf had nog héél even geprobeerd het programma in iets luiers om te zetten, waren ze snel om. En toen de jongste in de verte het skelet van een mammoet zag staan maakte hij zelfs een luchtsprong van vreugde en jubelde het uit: Aaah! Dit wordt het leukste dat ik óóit heb gedaan! Nou kijk, en daar kon papa dan weer een tijdje op vooruit.

woensdag 1 maart
Zonderdraadloos
Nu zijn dochter was uitgevlogen en op zichzelf was gaan wonen, zou de man haar kamertje in het ouderlijk huis overnemen. Als werkkamer. Hij hoefde eigenlijk alleen te zorgen dat er een internetaansluiting kwam, dan kon hij zijn computer erheen sjouwen en beginnen, met werken. In zijn eigen kamer. Probleem was wel dat daarvoor het hele huis maximaal diagonaal overbrugd moest worden. Met kabel dus, had de man eigenlijk in zijn achterhoofd. Want íets, ervaring waarschijnlijk, waarschuwde hem dat het boren van een stuk of zes, zeven, acht, maakt niet uit hoeveel gaten door zijn bikkelharde dubbelsteens muren en het zo strak en onzichtbaar mogelijk langs plint en plafond wegwerken van vijfendertig meter helblauwe 5mm dikke kabel hem misschien een halve dag zou kosten maar evengoed een stuk makkelijker zou zijn dan het tot stand brengen van een draadloze internetverbinding. Hetzelfde gezonde boerenwantrouwen fluisterde hem in dat zijn computer nú tenminste probleemloos werkte maar dat iedere verandering daar meedogenloos korte metten mee zou maken, en hem in een verstikkende brij van foutmeldingen en vastlopers zou terugwerpen waar hij dan door anderen weer uit bevrijd moest worden, als die anderen daar tenminste nog tijd en energie voor hadden. Vandaag besloot de man echter dat hij zich daar nu maar eens over heen moest zetten, over die rare angst voor nieuwe dingen. Die ouwemannenachterdocht altijd. Dat hij eens een beetje met zijn tijd mee moest gaan. Iedereen had tegenwoordig draadloos internet, dus hoe moeilijk kon het zijn? Kijk: Easytoolkit, stond er geruststellend op de peperdure doos. En ook: One Touch Setup Button. Tien minuutjes, schatte de verkoper vriendelijk glimlachend bij het afrekenen. Kon niet misgaan, succes meneer. En inderdaad hoor. De man had gelijk gehad. Het verliep precies zoals hij zich in zijn stoutste behoudende angstdromen had voorgesteld. Hij raakte hopeloos verstrikt in onbegrijpelijke venstertjes, ondoorgrondelijke afkortingen, sleutels en wachtwoorden van dan eens 16 en dan weer 26 tekens en een tot razernij brengend soort encrypted engels waar hij vrijwel geen woord van begreep. In niets leek ook maar iets op wat hem in de flinterdunne gebruiksaanwijzing aan eenvoud werd voorgespiegeld. Na een lange dag van ploeteren en heen en weer stampvoeten, van razen en tieren tegen zijn steeds vastlopende computer, tegen de weigerende cd's en de niet ondersteunde drivers, zijn kinderen die teveel lawaai maakten en niet te vergeten de gewetenloze op geld beluste teringhufters die hem deze waardeloze veel te dure rotzooi verkocht hadden, was de man tegen middernacht eindelijk zo ver dat hij dus allang blij was dat hij dan in elk geval mét draad het internet weer opkwam. Wát een vooruitgang!

 


©2006JosvanVenrooij